Spring naar content

Artrose – extra informatie

Extra informatie voor patiënten

Extra informatie voor professionals

Mechanisme: hoe werkt het bewegen? 

Beweging stimuleert het kraakbeen om voedingsstoffen op te nemen. Verder worden spieren, pezen en banden rondom het gewricht getraind. Dit zorgt voor meer stevigheid en stabiliteit. Daarnaast verbetert de spierkracht en het uithoudingsvermogen, waardoor patiënten meer kunnen bewegen. Een betere spierkracht zorgt ervoor dat er minder lokale druk of stress uitgeoefend wordt in (een deel van) het gewricht.

Contra-indicaties en waarschuwingen

Raadpleeg een specialist in het geval dat de patiënt één of meerdere van onderstaande symptomen vertoont;

  • Warme en gezwollen (rode) gewricht(en)
  • Onverklaarbare hevige pijn in een of meerdere gewrichten
  • Zwelling in de lies
  • Ernstige slotklachten in de knie 
  • (Hevige) pijn in rust en zwelling (zonder trauma).

In het geval van acute gewrichtsontsteking of verergering van de symptomen, wordt geadviseerd om het gewricht tijdelijk minder te belasten tot de ontsteking voorbij is. Soms is het nodig om tijdelijk een hulpmiddel te gebruiken bij het lopen.

Bij pijn en stijfheid binnen 24 uur na het sporten is het beter om de volgende keer korter en minder intensief te bewegen. Pijn tijdens het opstarten van bewegen mag wel, op voorwaarde dat deze pijn gedurende de activiteit of training afneemt.

Het is belangrijk dat vooral jongeren met artrose, als gevolg van een gewrichtsblessure, sporten vermijden met zware druk op de gewrichten. Ook sporten waarbij onverwachte bewegingen gemaakt moeten worden, zoals racketsporten, zijn niet aan te raden, het risico op blessures is dan groter. Bij knieartrose wordt afgeraden om op de knieën te zitten (stratenmakers houding) vanwege een grote druk op het kniegewricht.

Aanbevelingen voor bewegen met artrose

Algemeen
Bewegen is goed bij de verschillende vormen van artrose. Kies voor activiteiten met een relatief lage gewrichtsbelasting (zoals zwemmen, aqua-aerobics of hydrotherapie), zodat de gewrichten minder belast worden. Voor mensen met artrose wordt geadviseerd om te bewegen volgens de algemene beweegrichtlijnen, hier lees je wat de beweegrichtlijn inhoudt.

Specifiek

Knie- en/of heupartrose:
Voor mensen met knie- of heupartrose zijn fietsen (buiten of op de hometrainer), wandelen, nordic walking, roeien, yoga of de crosstrainer geschikt. Bij beperkte belastbaarheid zijn oefeningen op de stoel en Tai Chi geschikt. Wanneer gewoon fietsen te belastend is, kan een e-bike overwogen worden. Ook wordt geadviseerd om oefeningen te doen die gericht zijn op de grote spiergroepen rondom het knie- en heupgewricht zoals de bovenbeenspieren, bilspieren en kuitspieren. In de oefengids spier- en botversterkende oefeningen vind je diverse voorbeelden. Raadpleeg een fysio- of oefentherapeut voor specifieke oefeningen.

In het geval van een geplande operatie voor een knie- of heupprothese kan het een gunstig effect hebben op het herstelproces om de patiënt zes weken voorafgaand aan de operatie te laten starten met een oefenprogramma (prehabilitatie). Informeer naar de mogelijkheden bij het ziekenhuis waar de operatie zal plaatsvinden. 

Handartrose:
Patiënten wordt geadviseerd om twee keer per dag beweeglijkheidsoefeningen te doen voor pols- en handspieren door de handen, polsen en vingers in de verschillende richtingen te bewegen. Bijvoorbeeld het buigen en strekken van de vingers, een vuist maken en weer openen en de pols de verschillende richtingen op bewegen. Bij veel pijn kunnen deze oefeningen uitgevoerd worden in een bak met warm water.  Voor specifieke oefeningen kan een fysio- of oefentherapeut geraadpleegd worden.

Meer informatie:

Bronnen